OOG

Blik in de wereld achter de kunst

Siemen Dijkstra | Kruistocht door Drenthe
SIEMEN DIJKSTRA / Mar 1st, 2021
Interview in het Dagblad van het Noorden door Joep van Ruiten over de het boek en de tentoonstelling Kruistocht door Drenthe. 

Joep van Ruiten • 19 februari 2021 Dagblad van het Noorden

Siemen Dijkstra ging op kruistocht door Drenthe. Wat hij zag, legde hij vast in tekeningen, aquarellen en houtsneden. Niet alleen het fraaie, maar ook het lelijke.
 
Drenthe mag zichzelf graag verkopen als een mooie provincie. Met heidevelden, bossen en hunebedden. Met rust, ruimte en natuurschoon. Als plek waar de tijd trager gaat, of zelfs stil staat. De oerprovincie. Kunstenaars werken daar graag aan mee. De tentoonstelling Barbizon van het Noorden in het Drents museum liet het vorig jaar zien.
 
Als er een kunstenaar bekend is van het tonen van Drentse schoonheid dan is het Siemen Dijkstra (1968). Al jaren gaat hij er op uit om het landschap vast te leggen; de akkers, de vennetjes, de velden. Schetsboek mee. Kijken. Zitten. Opgaan in de omgeving. En dan thuis in Dwingeloo de ervaringen verwerken in aquarel, gouache en houtsnede.
 

 
Een kruistocht door Drenthe

Afgelopen zaterdag opende in Galerie Wildevuur in Hooghalen een tentoonstelling met de oogst van de afgelopen drie jaar. Vanwege de lopende coronamaatregelen kan het publiek de expositie nog niet bezoeken. Wat wel kan, is een boek kopen waarin het nieuwe werk is afgebeeld, met teksten van Dijkstra zelf en van natuur- en landschapskenner Jan van Ginkel.
 
Kruistocht door Drenthe luidt de titel van zowel de tentoonstelling als het boek. Dat mag letterlijk worden genomen. Dijkstra en Van Ginkel trokken kruislings door Drenthe. In etappes van Bargerveen naar Ravenswoud, van Nieuwediep naar De Stapel, van Ter Apel naar Vledderveen, van Glimmen naar Dalerpeel.
 
Maar de kruistocht is ook figuurlijk bedoeld, vertelt Dijkstra tijdens een rondleiding door galerie Wildevuur. Alle jubelverhalen en promotiepraat van bestuurders en marketeers ten spijt, het Drentse landschap wordt er niet mooier op. Dijkstra’s liefde voor het Drentse landschap heeft gezelschap gekregen van zorgen. De schoonheid neemt af. Wat er nog is moet verdedigd worden.
 
Veranderend landschap
 
Hoe en wanneer dat besef is gekomen, is lastig vast te stellen. ,,Ik richtte mij als kunstenaar altijd op de hoekjes van het landschap”, vertelt Dijkstra. ,,Dat kun je je leven lang volhouden. Je gaat ergens heen, op de fiets of met de auto. Je maakt een tekening van die mooie plekjes en je gaat weer naar huis, naar het atelier. Zoekend naar die plekjes zag ik in de loop der jaren de veranderingen.”
 
Hij begint over ontwikkelingen in de landbouw. ,,In 2008 verhuurde de boer tegenover ons een stuk land aan een lelieteler. Het gras werd met Roundup bespoten en daarna omgeploegd. Bollen erin. Gif erop. Ik dacht: dat moet ik eens de gaten houden. Bij ons is zo’n club actief met zorgen over de lelieteelt, Meten is weten. En ja hoor, bij mij kwam ook gif in de tuin.”
 
De lelieteelt rukt op, vooral langs natuurgebieden. Dijkstra ziet het om zich heen. En het baart hem zorgen. ,,Als een boer zijn land aan een lelieteler verhuurt, doet hij dat omdat er geld nodig is. Om schulden af te lossen, of om te investeren voor een nieuwe stal. Als buitenstaander kan ik daar van alles van vinden, maar ik sta niet in de schoenen van die boer. Aan het eind van het verhaal gaat het land kapot.”
 

 
Je ziet ze niet meer vliegen

Hij begint over de afschaffing van het melkquotum in 2015. ,,Toen dat er af ging, veranderde er weer iets ingrijpend. Er werden nieuwe grote stallen gebouwd. De koeien verdwenen uit de wei. Ik dacht als buitenstaander: dit landschap wordt al decennia lang intensief beboerd, nu wordt het nog intensiever. En ik dacht aan de vogels die ik vroeger zag en nu niet meer.”
 
Het woord landschapspijn valt, ooit gemunt door de bioloog Theunis Piersma en daarna verspreid door journalist Jantien de Boer. ,,In Friesland en Groningen wordt geprobeerd de grutto te behouden. In Drenthe hoef je niet meer voor de grutto op te komen. Dat is te laat. Als je in Drenthe op de vogels gaat letten, zie je niets meer. Kraaien en ganzen die zie je nog, maar de rest verdwijnt, of is al verdwenen.”
 
Betrokken bij het boerenlandschap
 
Op maandag 30 juli 2019 fietste Siemen Dijkstra door het Bargerveen, volgens de toeristenfolders ‘een uniek natuurgebied, een van de laatste nog ongerepte hoogveengebieden in Noord-West Europa’. Hij schetste er de moerasflora, maar tekende er ook de windmolens die in Duitsland in precies datzelfde hoogveengebied zijn neergezet. Vervolgens fietste hij door het glastuinbouwgebied en de droge akkers naar Nieuw-Amsterdam.
 
De tochten die hij daarna maakte, van west naar oost, van noord naar zuid, deden hem aan zijn jeugd denken, toen hij op zaterdagen met het voetbalteam kriskras door de provincie werd gesleurd. ,,Zo heb ik Drenthe ooit een beetje leren kennen. Ik ben opgegroeid met het boerenlandschap. Samen met mijn vader zocht ik stenen op akkers. Ik heb mij altijd betrokken gevoeld bij wat er was en wat er is.”
 
Waar de meeste mensen hun band met het landschap en de natuur na hun jeugd verliezen, heeft Dijkstra ‘het lijntje’ nooit doorgeknipt. ,,Veel mensen gaan studeren; het dorp uit, de stad in. Sommige keren later terug. Ik ben niet vertrokken”, vertelt hij. ,,Het landschap is voor mij altijd als een deken geweest. Of ik nu naar buiten ging om te tekenen, of om te hardlopen, het ervaren en er in op gaan is altijd belangrijk gebleven.”
 

 
Van natuurporno naar een rookpluim
 
Als kunstenaar probeert hij die sensatie vast te leggen. Vele honderden afbeeldingen van de genius loci heeft het in de loop der jaren opgeleverd. Soms liet Dijkstra zich verleiden tot het maken van plaatjes met Drenthe op zijn mooist en lekkerst. Natuurporno. Wensbeelden die een snelle bevrediging opleveren. ,,Terwijl de werkelijkheid heel anders is. De werkelijkheid is een dinsdagmiddag waarop de zon niet schijnt.”
 
Dijkstra wijst in de galerie op een aquarel van een gele akker in Elp. ,,Boeren hebben geen tijd meer om hun grond mechanisch te bewerken. Gif erop. Hupsakee.” Hij wijst op een aquarel van een mestvergister bij Wezup. ,,De boel staat op ploffen.” Hij wijst op een aquarel met getiteld Onttoverd productielandschap, Gasselterboerveenschemond . Op de gebarsten bodem van een ven: Grote droogte Noord Hijkerveld . ,,Zie je die sproeier?”, wijst hij. ,,Daar verderop wordt het land beregend.”
 
We houden stil bij VAM-kanaal. De dag gaat roemloos voorbij . Het stille grijsblauwe water weerspiegelt bladerloze bomen. Bij de walkant is een curieuze gekromde buis te zien. Aan de horizon braakt een pijp een rookpluim uit. Het industriële vuilverwerkingscomplex van Attero ligt aan de horizon. Iets verderop is in het (voormalige) stroomdallandschap uit afval de VAM-berg opgericht.
 
Panorama van tegenstellingen
 
,,De desolaatheid straalt er vanaf”, oordeelt Dijkstra. ,,Toen ik daar aan het kanaal zat om die situatie te schetsen, voelde ik de spanning van de plek. Ken je de televisieserie Doctor Who ? Dat dreigende, het gevoel dat er iets vreselijks is gebeurd of staat te gebeuren. Dát wilde ik vast leggen. Nu eens niet het intieme landschap dat we zo graag zien.”
 
De kruistocht door Drenthe leverde ook panoramische werken op, het formaat waarmee Dijkstra beroemd is geworden. Het boek opent ermee. Aan de rechterkant is het nationaal park Dwingelderveld te zien, ‘het grootste aaneengesloten natte heidegebied van West-Europa. Aan de linkerkant, naast een geluidswal, raast het verkeer over de A28 richting Zwolle. ,,Daar heb je Spier”, wijst Dijkstra. ,,En dat is de oude es. Die hebben ze rechtgetrokken.”
  
We komen te spreken over de historicus Auke van der Woud, die in zijn recent verschenen boek Het landschap, de mensen laat zien dat Drenthe al 170 jaar een enorme verandering ondergaat. Ooit was het landschap woest en ledig, na 1850 werden de essen vervangen door akkers, weilanden en aangeplante bossen. Zelfs de veelgeprezen natuurgebieden zijn aangelegd.
 

Wensnatuur
 
Alles is nuttig gemaakt. Alles is cultuur en theater. Waarom dan moeilijk doen over de aanleg van zonneweides, de bouw van windparken en asfaltering van de Hondsrug? Waarom bezwaar maken tegen het planten van leliebollen op weilanden die ook al niet oorspronkelijk zijn? Dankzij grote hoeveelheden kunstmest zijn van arme zandgronden vruchtbare akkers gemaakt waar we onze welvaart aan danken.
 
,,Omdat het is doorgeschoten”, reageert Dijkstra. ,,Neem het Dwingelderveld. Het beetje landbouw dat daar was, is er uitgerangeerd. Daar zijn prachtige dingen voor teruggekomen. Anemonen. Vleesetende kruiden. Dopheide. Maar wat je er ook ziet, is maaien, kappen, leegte te maken. Het is geen bescherming, het is intensief beheer. Het is wensnatuur. Je wordt als bezoeker genept.”
 
Hij parafraseert het Nieuwe Testament : ‘Zalig zijn de onwetenden’. ,,Ik ben hier opgegroeid. Ik weet wat er was en is verdwenen. Maar denk eens aan die jonge ecologen. Die hebben in dit gebied nog nooit een vogel gezien. Als die iets moeten beschermen, gaan ze uit van een situatie die al verarmd is.”
 
 
Schoonheid in een dode haas
 
Hoe erg is de verandering eigenlijk? Alles verandert, dat hou je niet tegen. Auke van der Woud laat het in zijn boek zien. Daarbij: die zonneweiden en windparken zijn noodzakelijk omdat we van het gas en de olie af moeten. ,,Erg?” reageert Dijkstra. ,,Het wekt gevoelens op. Melancholie. Somberheid. Wat mij overeind houdt, is de schoonheid die het landschap biedt als je er voor open staat.”
 
Zijn kruistocht door Drenthe was ook louterend, vertelt hij. Ondanks alle aanvallen op het landschap die hij onderweg zag. ,,Ga van a naar b en je komt geheid ook iets hoopvols tegen. Niet alleen in natuurgebieden. Zelfs in wat ik de Flevopolders van Drenthe noem, waar de natuur heeft plaatsgemaakt voor monocultuur, kun je sporen zien van hoe het vroeger was. Maar dan moet je die sporen wel kunnen herkennen.”
 
Het houdt op als je de schoonheid niet meer ziet, zegt hij. ,,De schoonheid zit overal. Niet alleen in wat we mooi vinden, maar ook in de lelijkheid. Als kunstenaar ontwikkel je daar oog voor. Het zit niet alleen in een vennetje, maar ook in een dode haas. Als kunstenaar zie je het zelfs in zo’n met glyfosaat bespoten stuk land.” Hij lacht: ,,Hoe erg het ook is, het kan altijd weer een mooie tekening opleveren.”
 
Dijkstra herhaalt dat het landschap belangrijk voor hem is. ,,Dit is mijn terrein. Dit ken ik. Het zit in mijn lichaam. Het is niet alleen van boeren en natuurbeheerders. Het is ook míjn landschap. En dit is mijn poging om dat vast te leggen. Dat is de rol die ik mijzelf heb toebedeeld en waar ik vrede mee probeer te hebben. Op deze manier kan ik ermee leven. Ik leg het vast. Ook als het verkloot wordt.”
 

OP DE HOOGTE BLIJVEN?